Berichten

Altijd honger….

Een aantal jaren geleden had ik altijd honger. Ik at als een bootwerker (terwijl ik een kantoorbaan had). Ik at 8 keer per dag, waarvan 3 keer per dag een flinke maaltijd. Ik at bijna altijd voor het slapen gaan nog 2 boterhammen, omdat ik om 22.00 uur ’s avonds gewoon weer honger had. Het enige moment op de dag dat ik geen honger had, was in de eerste 2 uur dat ik gegeten had. Ik ging dan ook nergens heen zonder dat ik iets van eten in mijn handtas had zitten: een banaan, een plak peperkoek, een pakje sultana’s. Maar om nou te zeggen dat ik me bij dit alles heel goed bij voelde….

Continu ‘grazen’

Gek genoeg zag (en zie) ik om me heen ook heel veel mensen de hele dag door van alles eten. Tussendoortjes waren (en zijn) soort van ‘de maat’ geworden. Een beetje fruit, een handje nootjes, een koek bij de koffie en om 16.00 uur ’s middags een kopje ‘nep-soep’. Herkenbaar….??

Omdat je het zoveel om je heen ziet, kun je denken dat het dus heel normaal is. Als je kijkt naar hoe je lichaam werkt, dan is het dat alleen niet en is continu eten onverstandig. Als je namelijk elke 2-3 uur honger hebt terwijl je wel voldoende eet en je niet zonder een tussendoortje kunt, dan is dat een teken dat je bloedsuikerspiegel ontregeld is. Je bloedsuikerspiegel is de hoeveel glucose in de bloedbaan. Die moet tussen een hele smalle bandbreedte blijven, omdat teveel of te weinig bloedsuiker gevaarlijk is. Een ontregelde bloedsuikerspiegel voelt niet alleen slecht, het is ook niet goed voor je lichaam. Het kan bijvoorbeeld leiden tot allerlei spijsverteringsklachten en uiteindelijk tot Diabetes Mellitus type 2. En daar hebben best veel mensen in onze maatschappij last van…..

Waarom minder vaak eten lastig kan zijn

Het is voor je lijf veel beter als je maar 3 keer per dag eet. Voor veel mensen is dat heel erg lastig. En dat snap ik wel als ik kijk naar wat ze eten. Er worden heel veel snelle en lege koolhydraten gegeten: pasta, brood en rijst zijn daar veel gebruikte voorbeelden van. Het probleem met deze voeding is dat ze wel heel snel energie geven, maar ook heel snel ‘op’ zijn. Je verteert ze snel en dan heb je weer honger. Bovendien zorgen ze voor een snelle stijging van je bloedsuikerspiegel. Je alvleesklier gaat in reactie hierop direct zorgen dat die grote hoeveelheid glucose in je bloed opgenomen wordt in je cellen, zodat de bloedsuikerspiegel binnen de bandbreedte blijft waarin die hoort. Daarvoor maakt de alvleesklier insuline aan. Het is een prachtig systeem.

Als je echter vaak lege koolhydraten eet en/of meer dan 3x per dag eet, dan wordt de kans dat je alvleesklier na het eten teveel insuline aanmaakt steeds groter. Als dat gebeurt, dan wordt er teveel glucose uit je bloed gehaald. Het gevolg is dat jij 2 uur na je maaltijd een hongersignaal krijgt, terwijl dat eigenlijk op basis van je daarvoor hebt gegeten niet klopt. Je hebt niet echt honger. Je bloedsuikerspiegel is gewoon gevaarlijk laag en het hongersignaal zorgt ervoor dat jij iets gaat eten waardoor die bloedsuiker weer gaat stijgen. Zo wordt de balans wel even herstelt, maar het nieuwe eten zet de alvleesklier weer aan tot de productie van insuline. Je voelt hem wel toch?? Het wordt een vicieuze cirkel.

Oplossen door anders te eten

Heb je hier last van en wil je dat oplossen, dan zul je dus je voeding moeten veranderen. Je zult minder vaak lege, snelle koolhydraten moeten eten en meer voedende voeding moeten eten. Dat betekent meer groenten, een passende hoeveelheid eiwitten (uit een goede bron, dus niet uit de intensieve veeteelt) en voldoende gezonde vetten. Je voeding zo aanpassen kan in het begin best lastig zijn. Zeker omdat de meeste van ons zo weinig weten over voeding. Op de basis- of middelbare school wordt er nauwelijks iets over verteld. Hoe zou je het ook moeten weten?

Je zou eigenlijk meer moeten weten over welke soort voeding we hebben en wat de functie daarvan is in je lijf. Als je dat namelijk weet, dan is het al veel makkelijker om een voor jou voedende maaltijd te maken en om je valse hongersignalen een halt toe te roepen. En dat, gaat heel veel goeds doen voor je gezondheid. Dat heb ik inmiddels zelf mogen ervaren. Ik eet nog maar 2-3 keer per dag en heb tussen de maaltijden door geen honger meer. Ik heb veel meer energie en allerlei klachten die ik had zijn verdwenen. En in mijn tas tref je geen eten meer aan ;-).

Meer weten hierover?

Herken jij je in wat ik hier met je deel en wil jij ook ontdekken hoe je door je voeding (iets) aan te passen meer energie hebt en minder klachten? Meld je dan aan voor de Inspiratiesessie ‘Meer energie en minder klachten door andere voeding’. Dan leer ik je meer over welke voeding je lichaam nodig heeft en hoe je op een meer voedende manier tegen eten aan kunt kijken. Je krijgt een basisplan voor het opbouwen van je maaltijden en een voedingsmiddelenlijst waarmee je helemaal ‘los’ kunt gaan en je lichaam ondertussen kunt geven wat het nodig heeft. Aanmelden kan hier:

https://www.vanappeltotzeekraal.nl/meer-energie-en-minder-klachten-door-andere-voeding/

Disclaimer: De inhoud van deze blogpost geeft mijn persoonlijke visie op een gezonde leefstijl weer en is uitdrukkelijk niet bedoeld als individueel advies aan jou als lezer noch als vervanging van begeleiding door een therapeut of arts. Het veranderen van je voedingspatroon of leefstijl vraagt namelijk om deskundige begeleiding, zeker als je gezondheidsklachten hebt of in verwachting bent. Neem bij gezondheidsklachten of zwangerschap daarom altijd contact op met je huisarts en/of vind een deskundig therapeut, arts of diëtist om je te begeleiden bij veranderingen in je eetpatroon. De lezer wordt ook gewezen op de van toepassing zijnde algemene disclaimer die hier te lezen is.

Vasten

In onze huidige maatschappij is voeding ruimschoots en continu aanwezig. Je kunt eten wat je wilt, wanneer je wilt en hoe vaak je wilt. Deze overvloed is evolutionair gezien nieuw en ons lichaam is dat niet gewend. Van oudsher wisselden periodes van overvloed en schaarste elkaar namelijk af. Er waren tijden waarin de natuur rijkelijk en er waar tijden waarin de natuur nauwelijks voorzag in onze voedingsbehoefte. Daarop is ons lichaam evolutionair gezien heel goed aangepast. Tijden van niet eten is een oude “stressor” waar ons lichaam wel raad mee weet. Sterker nog, af en toe niet eten is daardoor heel erg gezond.

Vasten voor je gezondheid

Ik wil het in deze blogpost graag met je hebben over vasten. Af en toe niet eten maakt wat mij betreft deel uit van een goed voedingspatroon. Er zijn verschillende redenen waarom regelmatig vasten heel verstandig kan zijn. In deze blogpost ga ik je een van die redenen uitleggen. Die reden heeft te maken met de hoeveelheid glucose in je bloed. Vasten helpt namelijk te zorgen dat je lichaam de hoeveelheid glucose in je bloed (je bloedsuikerspiegel) makkelijker op het juiste niveau kan houden. Dat is heel belangrijk omdat zowel te weinig als teveel glucose in je bloed erg schadelijk kan zijn.

Glucose

Glucose is een eenvoudige vorm van suiker. De cellen in je lichaam gebruiken (onder andere) glucose om energie van te maken. Als je iets eet of drinkt waar koolhydraten in zitten (zoals brood, pasta, rijst, aardappelen, suiker, limonade, sportdrankjes, alcohol, maar ook fruit en groenten) dan breekt je lichaam die koolhydraten in je spijsverteringskanaal af tot onder andere glucose. Via je darm wordt deze glucose opgenomen in je bloed. Daardoor neemt de hoeveelheid glucose in je bloed toe. Dat is goed, want zo kan deze glucose door het lichaam worden vervoerd naar je cellen.

Een te grote hoeveelheid glucose in je bloed is echter gevaarlijk. Je lichaam zal er dus zo snel mogelijk voor zorgen dat de glucose uit je bloed in je cellen wordt opgenomen.

Insuline

Zodra de verteerde koolhydraten (in de vorm van glucose) in je darm aankomen, merkt je darm dit op. Je darm laat deze glucose door naar je bloed en geeft een signaal aan je alvleesklier. Je alvleesklier gaat het hormoon insuline produceren en aan je bloed afgeven. Insuline zorgt ervoor dat je cellen de glucose uit je bloed kunnen opnemen. Cellen gebruiken glucose, dat zei ik hiervoor al, om energie van te maken.

Insulinereceptoren en glucosetransporters

Zodra insuline in je bloed komt, wordt het door je lichaam vervoerd naar je cellen. Op deze cellen zitten receptoren (insulinereceptoren) die speciaal gemaakt zijn om insuline aan zich te binden. Zodra insuline langs zo’n receptor komt, ontstaat een verbinding tussen die receptor en insuline. Je kunt dat zien als twee legoblokjes die precies op elkaar passen. Door die verbinding weet je cel: er is glucose in het bloed om op te nemen. Insuline zorgt er eerst voor dat de aanwezige energie in de cel wordt opgebruikt. Daardoor raakt je cel leeg. Dit ‘honger’ gevoel in de cel zorgt ervoor dat de cel een soort boodschappenjongen (een glucosetransporter met de naam GLUT4) naar de buitenkant van de cel stuurt om de glucose uit het bloed te halen en in de cel te brengen om nieuwe energie van te maken.

Sommige cellen, zoals spiercellen, kunnen ook glucose opnemen zonder insuline. Deze cellen merken op dat zij weinig glucose in hun voorraad hebben en sturen als reactie daarop hun GLUT4 naar de buitenkant van de cel om glucose op te halen. Deze cellen kunnen dus zonder insuline zorgen voor een goede bloedsuikerspiegel. Een groot voordeel daarvan is dat je alvleesklier dan geen insuline hoeft aan te maken en rust krijgt. Je alvleesklier kan dan energie steken in het maken van  spijsverteringsenzymen zodat jij je eten goed kunt verteren en dat is eigenlijk zijn belangrijkste taak. Je alvleesklier niet continue vragen om insuline te maken, is dus een heel goed idee.

Glucosetransporters worden afgebroken als je te vaak eet

Hoe vaker je eet, hoe minder actief GLUT4 wordt. Je cellen hebben dan namelijk voldoende glucose op voorraad en er is geen reden om boodschappen te gaan doen. Dat is logisch, bij een volle voorraadkast ga jij ook niet naar de (super)markt.

Je lichaam merkt vervolgens op dat jouw GLUT4 minder vaak erop uitgaat om glucose te halen. Omdat je lichaam continue moet zorgen voor een goede verdeling van de beschikbare energie, gaat het geen energie meer steken in het op peil houden van jouw GLUT4. Je lichaam steekt namelijk geen energie in iets wat jij kennelijk niet (langer) nodig hebt. Het aantal glucose-boodschappenjongens (GLUT4) die jij aan het werk kunt zetten zal hierdoor dalen. Je lichaam breekt ze af om energie vrij te maken voor andere dingen. If you don’t use it, you lose it.

Met minder GLUT4 kun je echter je bloedsuikerspiegel en de voorraad glucose in je cellen veel minder goed reguleren en dat heeft grote gevolgen voor je gezondheid. Het is dus zaak om voldoende GLUT4 te hebben, te houden en te gebruiken.

Vasten zorgt voor meer glucosetransporters

Meer glucosetransporters aanmaken doe je door regelmatig niet te eten. Want als je niet eet, ontstaat er uiteindelijk een tekort aan glucose in je cellen. Je lichaam zal in reactie hierop de aanwezige GLUT4 naar de buitenkant van je cellen sturen. Als je langer dan 8 uur aaneengesloten niets eet maakt je lichaam meer GLUT4 aan. Als je 18 uur aaneengesloten niet eet, dan heeft je lichaam zoveel GLUT4 aangemaakt dat je celwanden er helemaal vol mee zitten. Je lichaam wordt dan supergevoelig voor glucose. Zodra glucose dan weer in de bloed komt, wordt het direct opgenomen in je cellen. Overigens mag je dan gedurende deze periode van vasten ook niets drinken waar je spijsvertering voor nodig hebt. Dus geen suiker of honing in de thee, geen glaasje rode wijn, geen kokosmelk in de koffie. Water, (kruiden)thee en pure koffie zijn wel prima om te drinken tijdens het vasten.

Vasten zorgt voor beter werkende insulinereceptoren

Ook de cellen die wel insuline nodig hebben om glucose op te nemen hebben baat bij vasten. Dat heeft alles te maken met hoe vaak je eet. Elke keer als je eet krijgt je alvleesklier een signaal om insuline aan te maken. Als je meer dan 2 à 3 keer per dag eet, is je alvleesklier daar dus heel erg druk mee. Dat is niet alleen belastend voor je alvleesklier maar zorgt ook voor veel insuline in je bloed. Die insuline wordt natuurlijk gebruikt om de glucose die je hebt gegeten in de cellen op te nemen, maar op enig moment zijn je cellen vol. Je cellen zullen dan hun insulinereceptoren uitzetten, zodat insuline de cel geen opdracht meer kan geven om de glucose op te nemen.

Als jij vervolgens blijft eten (omdat je nu eenmaal hebt geleerd dat je minimaal 3 maaltijden per dag en toch zeker 2 tussendoortjes moet eten) terwijl je insulinereceptoren uitstaan (omdat je cellen genoeg glucose hebben), dan stijgt niet alleen de hoeveelheid glucose in je bloed maar stijgt ook de hoeveelheid insuline in je bloed. Je insulinereceptoren worden dan minder gevoelig voor insuline omdat het er toch altijd is. Dat is net zoiets als dat jij de radio die op de achtergrond aanstaat niet meer hoort omdat je aan het geluid gewend raakt. Pas als de radio uitgaat, merk je dat weer op. Zo is het ook met je insulinereceptoren. Als je een tijdje niet eet, dan raakt de voorraad glucose in je cellen op. Je lichaam zal dan je insulinereceptoren weer gaan activeren en deze worden weer gevoelig voor insuline. Met vasten herstel je dus ook het mechanisme om met insuline glucose op te nemen in je cellen.

Vasten is eenvoudig

Er zijn verschillende vormen van (intermitterend) vasten. Zelf vind ik overnacht vasten het prettigst en ook het makkelijkst te doen. Dat werkt als volgt.

Na je avondmaaltijd eet je minimaal 13 uur tot maximaal 16 uur niets meer. Je mag wel water, (kruiden)thee of koffie drinken maar zonder iets erin. Daarna neem je je eerste maaltijd van de volgende dag. Omdat je een groot deel van deze tijd slaapt, is deze vorm van vasten voor de meeste mensen goed te doen. Je kunt beginnen met 13 uur vasten en dat langzaam uitbouwen naar maximaal 16 uur. Blijf wel goed voelen hoe het met je gaat. Voelt het niet goed? Stop er dan mee en raadpleeg een arts of therapeut. Ben je zwanger? Doe het dan liever niet of in ieder geval niet zonder deskundige begeleiding.

Als altijd gaat het erom te ontdekken….. ontdekken wat jou voedt!

Vragen over je gezondheid?

Heb je na het lezen van deze blogpost vragen over je gezondheid? Of merk je dat het vasten lastig is voor je en wil je weten hoe dat komt en wat je daaraan kunt doen? Mail me voor een afspraak op info@vanappeltotzeekraal.nl en we gaan samen kijken wat jouw lichaam nodig heeft voor een zo optimaal mogelijke gezondheid.

 

Disclaimer: De inhoud van deze blogpost geeft mijn persoonlijke visie op een gezonde leefstijl weer en is uitdrukkelijk niet bedoeld als individueel advies aan jou als lezer noch als vervanging van begeleiding door een therapeut of arts. Het veranderen van je voedingspatroon of leefstijl vraagt namelijk om deskundige begeleiding, zeker als je gezondheidsklachten hebt of in verwachting bent. Neem bij gezondheidsklachten of zwangerschap daarom altijd contact op met je huisarts en/of vind een deskundig arts, diëtist of therapeut om je te begeleiden bij veranderingen in je eetpatroon. De lezer wordt ook gewezen op de van toepassing zijnde algemene disclaimer die hier te lezen is.